Artikel

Recalls in Nederland in 2011

Het voedselveiligheidsnieuws werd in 2011 beheerst door 2 affaires in Duitsland. In de eerste plaats natuurlijk Ehec, maar ook de besmetting van eieren met dioxine had gevolgen voor Nederland.

Ehec
De Ehec-bacterie had dit voorjaar Duitsland, maar ook Nederland en de rest van Europa in zijn greep. In Frankrijk was een tweede uitbraak. Er was zeer veel verwarring over de oorzaak van besmettingen die in Duitsland veel slachtoffers maakten. Uiteindelijk stierven meer dan 50 mensen, waaronder een Zweedse en een Française. Meer dan 1000 mensen moesten worden opgenomen met de nierziekte HUS, of andere aandoeningen als gevolg van besmetting met Ehec.

Verwacht werd dat de nierschade bij een groot aantal van de patiënten die HUS overleefde, blijvend zou zijn, maar dat bleek later relatief mee te vallen. Ook patiënten met neurologische aandoeningen als gevolg van HUS, zoals epileptische aanvallen en spraakstoornissen, bleken vaak goed te herstellen.

Nadat in mei de eerste Duitsers ziek waren geworden, adviseerden de autoriteiten in eerste instantie om geen rauwe tomaten, komkommers en sla te eten omdat die mogelijke bronnen van Ehec waren. Vervolgens werden Spaanse komkommers aangewezen als schuldige. Ook werd gesproken over een komkommer die mogelijk uit Nederland zou komen.

Daarna verschoof de verdenking naar kiemgroenten, zoals taugé. In een geopend pak taugé die bij een zieke in de koelkast werd aangetroffen, werd echter géén Ehec gedetecteerd. Eurocommissaris John Dalli verzuchtte dat Duitsland er goed aan zou doen geen voorbarige conclusies over de bron van de Ehec-besmettingen meer naar buiten te brengen.

Uiteindelijk kwamen Duitse onderzoekers er na minutieus onderzoek achter dat inderdaad kiemgroenten de bron van de besmetting vormden.

Ook Nederland kreeg met Ehec te maken. Circa 8 mensen werden ziek. Tot 3 keer toe werden met Ehec besmette producten teruggehaald. In juni werden Ehec-bacteriën aangetroffen op rode bietenkiemen van de Nederlandse firma Hamu. Die waren echter niet van het type O104, dat in Duitsland de crisis heeft veroorzaakt. De nVWA adviseerde consumenten om rode bietenspruiten van het bedrijf weg te gooien.

Kort daarna trof de nVWA bij een tweede teler kiemgroenten aan die besmet waren met de Ehec-bacterie. Ook in dit geval ging het om rode bietenspruiten. De bron daarvan bleek het geïmporteerde zaad te zijn.

Twee tussenhandelaren die hun afnemers niet of te laat informeerden dat ze met Ehec besmette rode bietenscheuten uit de handel moesten halen, kregen van de nVWA een boete.

Eind juni adviseerde minister Schippers van VWS geen rauwe rucolakiemen, mosterdkiemen en fenegriekkiemen te eten omdat die in Frankrijk uit de handel waren gehaald vanwege Ehec. Die uitbraak, die los stond van de Duitse uitbraak, koste een Franse vrouw het leven.

Enkele dagen later stelde EFSA dat de Ehec-bacterie bijuitbraken in Duitsland en Frankrijk mogelijk afkomstig was van fenegriekzaden uit Egypte. De partij fenegriekzaad van de Egyptische exporteur die de Ehec-uitbraak mogelijk had veroorzaakt, was terechtgekomen bij70 verschillende bedrijven in 12 Europese landen. De EU kondigde daarop een importstop van bepaalde zaden en bonen uit Egypte af. Ook in Nederland werden, bij tuincentra, fenegriekzaden teruggehaald.

Internationaal stortte de vraag naar groente in waardoor de Nederlandse tuinbouwsector zwaar werd getroffen. Wel kregen tuinders daarvoor compensatie.

Wouter de Heij van Top BV kwam daarop in actie om de Nederlandse komkommer te redden. Tijdens de Kom op!-actie werden in totaal 40.000 komkommersmoothies uitgedeeld om de komkommer er weer bovenop helpen.

Recalls 
Er waren in 2011, afgezien van de 3 terughaalacties in verband met Ehec, 11 recalls. Supermarktketen Jumbo haalde in april twee maaltijden uit het schap omdat de etiketten op de verpakking in de magnetron vlam konden vatten.

6 Keer moesten producten worden teruggeroepen vanwege allergenen. C1000. Jumbo en Super de Boer hadden in december een recall van naturel en volkoren beschuit van Euromerk. Dit omdat er kippenei inzat, terwijl dit niet was vermeld.

Kruidvat en Prijsmepper haalden in november chocolade-eieren van het merk KinderJoy uit het schap, omdat er hazelnoten in zaten, terwijl dit niet op de verpakking vermeld was.

In september moest C1000 Basis Melkchocolade uit het schap halen vanwege hetzelfde euvel. Eveneens in september deed de Hema een recall van de Ontbijtkoekrepen Naturel omdat er tarwe in kon zitten, terwijl dat niet in de allergenendeclaratie stond.

Ook bij Mora ging er iets verkeerd. In verpakkingen Mora Kalfs kroket voor Fijnproevers konden mogelijk Mora Kip Saté kroketten zitten en die zijn niet geschikt voor mensen met een pinda-allergie.

Inproba deed in mei een recall van flacons romige kokosmelk omdat het product bedorven kon zijn voordat de houdbaarheidsdatum was verstreken.

Supermarktketen Deen deed begin november een recall van Spaanse droge worst, vanwege microbiologische verontreiniging.

In december haalde Culina Foods dressing terug die bij Action was verkocht. Door een productiefout kon het product gaan gisten, waardoor de dop van de fles kon springen of het glas kon breken.

De Vlaamse zuivelcoöperatie Belgomilk moest in mei in België diverse kazen terughalen in verband met Listeria. De recallbreidde zich uit naar Nederland. De bij de Lidl verkochte ‘Sint-Maarten-Classic’ kaas kon ook verontreinigd zijn.

Verzekeringsmaatschappij Aon Nederland concludeerde na onderzoek dat bedrijven in Nederland niet goed voorbereid zijn op een grote recall. Ze zijn niet goed op de hoogte van de draaiboeken van partners in de keten en zijn onvoldoende voorbereid op snelle communicatiemiddelen als sociale media en internet, terwijl de consument die tegenwoordig actief gebruikt.

Dioxine
Er was in 2011 een grote dioxine-affaire in Duitsland met een directe link naar Nederland. Begin januari werd in eieren en kippenvlees in het westen en noorden van Duitsland het kankerverwekkende dioxine aangetroffen. Zo’n 1000 boerderijen werden geblokkeerd.

Later werd ook in varkensvlees dioxine gedetecteerd. De vraag naar varkensvlees liep terug en Vion en Tönnies gingen daardoor tijdelijk minder slachten.

Oorzaak van de verontreiniging was verontreinigd vet dat in het veevoer zat. Dat was geleverd door het Nederlandse bedrijf Olivet, maar was verkocht als ‘technisch vet’ aan de Duitse olie- en vetverwerker Harles & Jentzsch. Het verontreinigde veevoer bleek al 10 maanden in omloop. Amper twee weken na het begin van de dioxine-affaire vroeg Harles & Jentzsch faillissement aan.

Twee partijen met in totaal 136.000 mogelijk verontreinigde eieren bleken te zijn geleverd aan Nederlandse levensmiddelenfabrikanten. Zo’n 10 procent daarvan was al verwerkt in voedingsmiddelen als sauzen en bakkerijproducten.

De Duitse minister van consumentenaangelegenheden IlseAigner schreef een actieplan om voedselveiligheidsaffaires te voorkomen. Ook kwam er een maatregel die producenten van voedingsmiddelen en diervoeder en laboratoria in Duitslandverplicht het direct te melden als ze dioxine detecteren. Dat moet ook als de verontreiniging binnen de norm blijft.

GroenLinks-Europarlementariër Bas Eickhout pleitte voor hettoevoegen van een kleurstof aan technische vetten om zo te voorkomen dat ze toch in de voedselketen terechtkomen.

In augustus werd opnieuw in Nederland dioxine in eieren aangetroffen bij voedingsmiddelenbedrijven. Die kwamen echter niet uit Duitsland maar uit België.

FrieslandCampina kreeg ook te maken met dioxine door de brand bij chemiebedrijf Chemie-Pack in Moerdijk. Het bedrijfonderzocht melk uit het gebied ten noorden van Moerdijk op de aanwezigheid van onder andere dioxines en zware metalen. Demelk bleek echter ‘schoon’.