Dossier Voedingsvezel
Gezondheidseffecten - Aanbevolen hoeveelheid
- Gemiddelde inname
- Claims
- Soorten vezels
- Prebiotica
- Analyse
Het gehalte aan voedingsvezel van bewerkte producten:

-
Kellogg's All Bran Fruit 'n Fibre: 10 g/100 g
-
Hero ActiFruit: 3,3 g/100 ml
-
LU Vitalu Tussendoor Crackers Voltarwe: 8,2 g/100 g
-
Knorr Vie Appel Wortel Aardbei: 1,5 g/100 ml
Voedingsvezels zijn stoffen uit planten die in de dunne darm niet verteerd worden. Aanvankelijk werden alleen stoffen uit de celwand als voedingsvezel beschouwd, maar later is die definitie verruimd. Vezels hebben een gunstige invloed op de gezondheid. Ze zorgen voor een betere darmwerking doordat het voedsel sneller door het maagdarmkanaal gaat.
De consumptie van volkoren graanproducten helpt ook bij het voorkomen van diabetes type 2, maar dat wordt niet zo zeer aan de vezels toegeschreven.Er is onvoldoende bewijs dat vezels beschermen tegen dikkedarmkanker. Wel hebben mensen die heel erg weinig vezels eten, een vergrote kans op deze vorm van kanker. Dat blijkt uit observationeel epidemiologisch onderzoek.
Het Poolse bedrijf Polski Błonnik (Poolse vezels) is stellig in de overtuiging dat overgewicht bestreden kan worden met vezels. Het bedrijf introduceerde in maart op de Food Week in Utrecht 2 producten die voor 100 procent uit vezels bestaan: vezels van haver en van cacao die kunnen worden toegevoegd aan bijvoorbeeld soepen, snoep en taart. Bijna 70 procent van de consumenten blijkt nauwelijks te weten hoeveel vezels ze moeten eten en in welke producten veel vezels zitten, zo blijkt uit onderzoek. Ook weten mensen weinig van de positieve effecten op de gezondheid.
Naar aanleiding van het advies van de Gezondheidsraad kondigde de toenmalige minister van Volksgezondheid Hoogervorst aan te streven naar minimaal een verdubbeling in 2010 van het aantal consumenten dat voldoende vezels binnenkrijgt.
Dagelijkse inname (in gram/MJ)
man 22-49 jaar 2,2 - vrouw 22-49 jaar 2,4
- man 19-30 jaar 2,0
- vrouw 19-30 jaar 2,2
(Bron: Voedingsvezel, VWA, april 2007)
De ingenomen voedingsvezels zijn afkomstig uit:
- brood 28%
- aardappelen 19%
- groenten 10%
- fruit 14%
De VWA stelde vorig jaar dat er in maaltijden te weinig vezels zitten. Dat leidde tot scherpe kritiek van het CBL en Albert Heijn. De voornaamste kritiek was dat de onderzoeksdata erg oud waren en maaltijden in de tussentijd flink verbeterd waren.
De VWA moest daarop op last van de ministers Hoogervorst en Veerman het maaltijdenonderzoek van de website halen. Het rapport kwam vervolgens ongewijzigd maar met een toelichting opnieuw op de site. Daarbij werd aangekondigd in 2007 herhalingsonderzoek te doen.
Claims
In de nieuwe verordening voedings- en gezondheidsclaims (EG 1924/2006) - die half januari in werking is getreden en 1 juli van toepassing wordt – staat in de bijlage dat een product bron van vezels mag worden genoemd als het vezelgehalte minimaal 3 gram per 100 gram, of 1,5 gram per 100 kilocalorieën bedraagt. De claim 'vezelrijk' mag worden gebruikt bij 6 gram per 100 gram, of 3 gram per 100 kilocalorieën.
Campina introduceerde begin februari Vifit Multivezel met per portie 5 gram vezels. Het product bevat vijf verschillende soorten vezels.
Soorten vezels
Voedingsvezels zijn onder te verdelen in wateroplosbare vezels en niet in water oplosbare vezels. De oplosbare vezels zitten vooral in groente, fruit en peulvruchten. De niet-oplosbare vezels zitten in volkorenproducten. De meeste soorten vezels zijn koolhydraten.
gecommuniceerd moet worden over verschillende soorten vezels. Hij meent dat de effecten van de traditionele voedingsvezel 'vervuild worden door de synthetische vezels die door het bedrijfsleven in flesjes worden gestopt'.Polysacchariden anders dan zetmeel en onverteerbare oligosacchariden:
- Cellulose
- Hemi-cellulose (arabinoxylanen, arabinogalactanen)
- Fructanen (inuline, oligofructanen, fructo-oligosacchariden)
- Oligosacchariden (galacto-oligosacchariden, xylo-oligosacchariden)
- Gommen
- Slijmstoffen
- Pectine
Verbindingen analoog aan koolhydraten:
- onverteerbare dextrinen (maltodextrinen, aardappeldextrinen)
- Synthetische koolhydraten (polydextrose, methylcellulose)
- Onverteerbaar zetmeel
Lignine
Met planten geassocieerde componenten:
- Wassen
- Fytaten
- Cutine
- Saponinen
- Suberinen
- Tanninen
Sommige voedingsvezels worden prebiotische vezels genoemd. Prebiotica bevorderen de groei en de activiteit van goede bacteriën. Het effect op de darmflora wordt onder meer bepaald door de lengte van de keten van de prebiotische vezel. Tot de prebiotica behoren inuline, fructo-oligosacchariden (fos), galacto-oligosacchariden (gos), xylo-oligosacchariden (xos).
Uit onderzoek van de Katholieke Universiteit Leuven bij ratten blijkt dat bij de afbraak van de prebiotische vezels fructo-oligosaccharides (fos) in de dikke darm eetlustremmende eiwitten vrijkomen. Volgens hoogleraar Nathalie Delzenne hebben die als ze in de bloedbaan zijn gekomen een direct effect op het onderdrukken van het hongergevoel en op de afscheiding en gevoeligheid van insuline. Het is echter de vraag of dergelijke effecten ook optreden bij mensen.
Prebiotica worden ook veel aan babyvoeding toegevoegd vanwege de beschermende effecten. Prebiotische vezels in babyvoeding verlagen de kans op eczeem en infecties, zo blijkt uit Italiaans onderzoek naar hyperallergene voeding van Numico. Nutricia, onderdeel van Numico, lag het afgelopen jaar in de clinch met 't Kruidvat dat het patent op prebiotica in melkpoeder zou hebben geschonden. Volgens Numico kon de drogisterijketen het product zo goedkoop in de winkel leggen dankzij al het onderzoek van Numico. Numico gebruikt een gepatenteerde verhouding gos en fos van 9:1, omdat die de groei van goede bacteriën in het maagdarmkanaal van begin toit eind zou stimuleren.
Het kort geding werd gewonnen door 't Kruidvat, dat het product dus niet uit de schappen hoefde te halen. De drogisterijketen won ook het hoger beroep, een bodemprocedure over de zaak loopt nog. 't Kruidvat spande op zijn beurt in januari 2007 een kort geding aan tegen Nutricia. Dat bedrijf claimde dat zijn mix van prebiotische vezels als enige was goedgekeurd door de Europese Commissie. Nutricia verloor, maar hoefde niet te rectificeren omdat de reclame niet meer werd gebruikt.
Analyse
Er worden verschillende methodes gebruikt om de hoeveelheid voedingsvezel te meten. Dat is onder meer van belang omdat fabrikanten claims over vezels gebruiken. De analysemethode heeft ook gevolgen voor de aanbevolen hoeveelheid vezels. In Nederland ligt die voor een volwassen man op 35 gram per dag, in Groot-Brittannië, waar men de Englyst methode hanteert, op 18 gram per dag. Bij de Englyst methode wordt onverteerbaar zetmeel en lignine (een stof uit de celwand van planten) niet als voedingsvezel gerekend.
De VWA stelt dat een aangepaste versie van de AOAC-methode (991.43), uitgebreid met een HPLC-methode voor laagmoleculaire oplosbare vezelcomponenten, het beste het totale gehalte aan voedingsvezels kan worden gemeten. De VWA gaat zich daarom inzetten voor de verdere ontwikkeling van deze methode in internationaal verband.





Jaaroverzicht 2009




