Fusie UTZ en Rainforest Alliance

Rainforest alliance

De kikker in het logo blijft, maar door de fusie van het Nederlandse UTZ en de Amerikaanse Rainforest Alliance verandert er ook een hoop: gedeelde verantwoordelijkheid en strengere eisen voor mensenrechten en klimaatslimme landbouw, bijvoorbeeld. Beter gebruik van data moet bovendien de transparantie in de keten vergroten.

 Anders dan de naam doet vermoeden, richt de Rainforest Alliance – waaronder de gefuseerde instanties verder zullen gaan – zich niet enkel op regenwoudgebieden en ecologie. “Duurzaamheid is breder dan dat: behalve natuur, zijn ook sociale en economische aspecten relevant voor een duurzamere wereld. De merken die ons keurmerk dragen, kennen hun keten en weten dat duurzaamheid niet stopt bij ontbossing.” Aan het woord is Sven Drillenburg, Europe Lead Market Transformation bij de Rainforest Alliance. Hij geeft leiding aan een Europees team van accountmanagers die op hun beurt weer internationale stakeholders ondersteunen om de programma’s van de Rainforest Alliance te implementeren. 

 Landbouwapparatuur en cacaobomen

Het doel van de non-profitorganisatie, zo valt te lezen op de website, is een toekomst waarin natuur wordt beschermd en biodiversiteit floreert; waar boeren, arbeiders en gemeenschappen hun lot in eigen handen nemen en land op een duurzame manier bewerkt wordt, en waar de bedrijfsvoering op een verantwoorde manier geschiedt. Drillenburg licht toe: “Idealiter doen we dat met natuurprojecten in combinatie met certificering. Het grote publiek kent de Rainforest Alliance vooral van het keurmerk met de kikker. Maar we doen veel meer dan het uitgeven van een keurmerk. Zo ondersteunen we met de natuurprojecten boeren en bedrijven bij een duurzamere manier van werken en helpen we hun leefomstandigheden te verbeteren. Dat kan door te zorgen dat er een betere prijs komt voor hun product, maar ook door investeringen te doen in bijvoorbeeld landbouwapparatuur of nieuwe cacaobomen. Ook trainen we boeren in slimmer gebruik van meststoffen en gewasbeschermingsmiddelen en in het verbouwen van andere gewassen. Een hoger besteedbaar inkomen bereik je immers niet alleen door een betere prijs voor je product, maar ook door risicospreiding en het verhogen van je productiviteit.”

In meer dan zeventig landen ondersteunt de Rainforest Alliance ruim twee miljoen boeren die onder meer bananen, cacao, koffie, thee en hazelnoten verbouwen. Het gaat niet alleen om regenwoudgebieden, maar ook om andere (sub)tropische zones waar de natuur kwetsbaar is, zoals savannes. De van oorsprong Amerikaanse organisatie fuseerde in 2018 met het Nederlandse UTZ. Drillenburg: “We werkten al veel samen en groeiden steeds meer naar elkaar toe. Fuseren was logisch, gezien de synergievoordelen. Bij beide organisaties leefde bovendien de ambitie om de wijze van certificeren te vernieuwen. Bij de traditionele manier ontvang je wel of geen certificering; de audit is zwart of wit. Terwijl de omstandigheden voor een boer in Tanzania niet hetzelfde zijn als die in Congo of Indonesië. Wij beogen daarom een certificering waarbij bedrijven en boeren zich continu kunnen verbeteren op het gebied van duurzaamheid en hun zo perspectief biedt. In het nieuwe programma is daar meer ruimte voor.” 

 Kikker is blijvertje

Met de komst van het nieuwe Rainforest Alliance certificertingsprogramma zal UTZ als keurmerk geleidelijk verdwijnen. Drillenburg: “Het Rainforest Alliance-keurmerk is wereldwijd bekender dan UTZ. Het logo wordt aangepast, maar de kikker blijft.” De nieuwe organisatie wordt aangestuurd vanuit de hoofdkantoren in New York en Amsterdam, met regiokantoren in verschillende landen. De grootste wijzigingen zitten hem vooral in het nieuwe certificeringsprogramma, met de ‘2020 Sustainable Agriculture Standard’ als basis. Vanaf halverwege 2021 gaan de eerste boeren hiermee werken. Er komen onder andere strengere eisen op het gebied van klimaatslimme landbouw, mensenrechten en ontbossing. Ook de partijen verderop in de keten – denk aan koffiecoöperaties en cacao-handelaren – moeten in het nieuwe programma aan bepaalde duurzaamheidscriteria werken, zoals arbeidsomstandigheden en afvalwatermanagement. Een belangrijke verandering is bovendien de verbetering van datagebruik. “De boeren ontvangen hiervoor nieuwe, digitale tools. Zo wordt onder meer inzichtelijk hoeveel geld een agrariër, en niet alleen de coöperatie, daadwerkelijk extra ontvangt voor zijn of haar gewas omdat hij of zij gecertificeerd is. Door de data goed te monitoren, kunnen we ook beter beoordelen waar risico’s ontstaan”, aldus Drillenburg. De digitalisering zal daarnaast helpen bij het versterken van het verantwoordelijkheidsgevoel door de hele keten heen. Drillenburg: “Met de data kunnen we inzien waar de disbalans zit. Nu ligt er vaak nog een te grote financiële last bij de boeren om duurzamer te werken. Maar de hele keten moet verantwoordelijkheid dragen voor een betere vergoeding voor de duurzaamheidsinspanningen van de boeren.”

Transparantie

Wat dit systeem volgens Drillenburg extra interessant maakt voor bijvoorbeeld fabrikanten en retailers, is dat zij zo ook gedetailleerd zicht krijgen op de duurzaamheid van hun keten: “Afnemers zien waar de keten kwetsbaar is en waar ze dus kunnen investeren in bijvoorbeeld het tegengaan van ontbossing of kinderarbeid. Dat kan individueel, of samen met ketenpartners. Met die mogelijkheid komen we tegemoet aan de vraag van partijen aan het eind van de keten, die meer transparantie willen rond de potentiële duurzaamheidsuitdagingen.”

Overige veranderingen die voor afnemers van toepassing zijn, liggen vooral op het operationele vlak, vertelt Drillenburg: “Het nieuwe logo is per september dit jaar beschikbaar. De verpakkingen worden daarop dus aangepast. En fabrikanten en retailers van wie producten nu UTZ-gecertificeerd zijn, kunnen vrij eenvoudig overgaan op het Rainforest Alliance-keurmerk. Wat niet verandert, zijn de controles die plaatsvinden op fabrieksniveau. Dus als men zegt gecertificeerde cacao of koffie in te kopen, controleren we of dit ook het geval is.”

 Sociale mediacampagnes

De relatie met fabrikanten en retailers is voor de Rainforest Alliance van groot belang. Hoewel certificering geen doel op zich is, zijn zij een heel belangrijke doelgroep van de organisatie. Voor consumenten komt er geen uitgebreide communicatiecampagne rondom de wijzigingen, hoewel merken kunnen aanhaken bij sociale mediacampagnes van de Rainforest Alliance. Drillenburg: “De moderne consument maakt de keuze voor een gecertificeerd product niet altijd weloverwogen. Zij vertrouwen erop dat de producten die ze kopen, gemaakt of geteeld zijn zonder dat er kinderhanden aan te pas zijn gekomen, of zonder dat er een half oerwoud voor gekapt is. Dat is steeds meer het uitgangspunt. Consumenten geven die verantwoordelijkheid dus uit handen aan fabrikanten en retailers. Die bepalen dan ook hoe duurzaam de keten is. Aan de boeren ligt het niet, die willen wel.”

Lees ook
EVMI jaaroverzicht, deel 2: voedselketens ver van huis

EVMI jaaroverzicht, deel 2: voedselketens ver van huis

De laatste dagen van 2020 zijn aangebroken, hoog tijd voor een terugblik op het afgelopen jaar. In 6 delen bladeren we nog eens door de 8 EVMI's die zijn verschenen. Deel 2 staat in het teken van problematiek die zich ver van huis afspeelt, maar wereldwijd een grote impact heeft.

Chocoladeliefhebbers willen duurzame cacao

Chocoladeliefhebbers willen duurzame cacao

Europese consumenten kiezen het liefst chocoladeproducten met duurzaam verkregen cacao en zijn bereid daar extra voor te betalen. Dat wijst onderzoek van Cargill uit.

Een eerlijke cacaoprijs kan alleen met structurele verandering

Een eerlijke cacaoprijs kan alleen met structurele verandering

Grootschalige armoede, kinderarbeid en ontbossing zijn nog steeds aan de orde van de dag bij boeren en arbeiders in de cacaoproductie. Hoewel er zeker aandacht was voor deze problemen in de afgelopen decennia, zijn er tot op heden nog steeds geen structurele oplossingen. Dat concludeert de Cacao Barometer 2020, de nieuwste versie van een tweejaarlijkse...